Wees redelijk en zo eerlijk mogelijk in je antwoorden. Wanneer je door de test gaat, gebruik dan als basis hoe je je het afgelopen jaar hebt gevoeld. Eerdere condities in je leven tellen niet mee.
De test bestaat uit een serie van gedragseigenschappen. Je begint de test bij “Gedrag en fysiologie”. Vraag aan jezelf hoe actief je fysiek gezien bent. Bepaal de beschrijving ervan op de lijst die er het beste bij lijkt te passen en klik daar dan op. Ga dan naar de volgende gedragseigenschap.
De antwoorden van je test worden niet opgeslagen.
Beschouw je jezelf als:
Uitstekend in projecten, uitvoering. Snelle reactietijd (leeftijd in aanmerking genomen).
Goed in projecten, uitvoeringen, sport.
In staat tot redelijke mate van activiteit, sport.
Betrekkelijk passief, maar wel in staat tot actie.
In staat tot destructieve en geringe constructieve actie.